Vier jaar oorlog: getuigenissen uit eerste hand

In Oekraïne lijden mensen al vier jaar onder de oorlog. Wat doet dat met hen? Hoe houden zij het vol?
Denny Klomp
29 januari 2026

Olena, vluchteling uit Luhansk

“We wonen in de regio Luhansk. De stad is helemaal verwoest, overal liggen mijnen en het gebied is bezet. Ons appartement is beschoten, wat zeer beangstigend was. De vijfde en zesde verdieping zijn compleet verwoest. We zijn destijds samen met onze dochter en kleinzoon gevlucht. Mijn schoonzoon vocht aan het front, maar hij is inmiddels omgekomen. Dat was een verschrikkelijke ervaring. Wij hebben inmiddels een veilige plek gevonden, maar mijn man werd al snel opgepakt om naar het front te gaan, ondanks zijn slechte gezondheid. Hij vecht nog steeds in de frontlinie en ik maak me veel zorgen om hem. Ik hoop en bid dat mijn geliefden in leven blijven. Ik wil zo graag dat er een einde aan de oorlog komt, want dit is vreselijk. Mijn kleinzoon schrikt van elk geluid. Alles in mij is verscheurd.

Ik hoop en bid dat mijn geliefden in leven blijven. Ik wil zo graag dat er een einde aan de oorlog komt, want dit is vreselijk. Olena

Iryna, Sarny region

“Voor onze kinderen is de oorlog verschrikkelijk beangstigend. We horen de hele tijd beschietingen en luchtalarmen. De kinderen huilen veel en rennen naar de schuilkelder, zodra ze het geluid van vliegtuigen of drones horen. We voelen ons machteloos om hen te beschermen. Het moeilijkste moment voor mij was de dood van mijn broer, waardoor ik mijn beste vriend kwijt ben. We voelen helemaal geen vrede of blijdschap meer, de oorlog heeft dat allemaal van ons afgenomen. Vroeger maakten we plannen en hadden we dromen. Nu is onze toekomst in mist gehuld. Het is eng dat ons land geen toekomst heeft, dat we voortaan in angst moeten leven. Een oorlog legt je lam, het maakt mensen gevoelloos en kwaadaardig. Iedereen is wel iets of iemand verloren. We bidden voor vrede, voor onze kinderen om vertrouwen te blijven hebben en dat God alle omstandigheden in ons leven zegent.”

Sofiya,11 jaar, Sarny region

“Ik kan me niet zoveel herinneren van mijn leven voor de oorlog, maar mijn ouders zeggen dat het niet altijd zo geweest is. Ik snap niet waarom mensen zo’n hekel aan ons volk hebben, dat ze steeds rakketten en drones op ons afsturen, bommen droppen en ons land proberen te verwoesten. Ik ben vaak bang. Mijn ouders leren mij om mijn angsten te overwinnen, omdat God altijd bij mij is. We hebben op school een schuilplek. Als het alarm gaat, hebben we 2 minuten om daar te komen. Dan ben ik altijd bang dat we het niet redden en dan bid ik dat iedereen op tijd zal kunnen schuilen. Ik kijk uit naar vrede. Voor mij betekent vrede een einde aan de angst, de kans om zorgeloos naar buiten te kunnen lopen. Ik wil veilig kunnen studeren en ik wil dat mijn familie niets ergs overkomt.”

Galyna, 86 jaar, regio Rivne

“Oorlog is het ergste wat je kan overkomen en haalt je leven compleet overhoop. Ik ben al 40 jaar weduwe en kinderloos, maar ik had een hechte band met mijn buurjongens, die beiden naar het front moesten. Een van hen raakte zwaargewond, de andere raakte vermist. Hun moeder is radeloos van verdriet. De oorlog heeft hun levens verwoest. De televisietoren aan de overkant van mijn huis werd geraakt door rakketten, waarbij tientallen mensen omgekomen zijn. Ook veel huizen er omheen werden verwoest, inclusief een deel van mijn huis. Mijn gehoor is daardoor beschadigd geraakt en sindsdien ben ik steeds gespannen van angst. Ik bid dat ik de terugkeer van de vrede nog ga meemaken. Ik wil niet dat de vijand ons hele land vernietigt.”